Waarin ik mijn eigen kindertijd in woorden probeer te vangen. Een vorm van biografie schrijven, die precies bij mij past. Ik hoop dat ze ook voor anderen inspirerend en herkenbaar zijn.
Het kussen op de grond
en lakens en dekens los
onder het bed
een nest
voor mij en lammetje
daarin gaan we slapen
voor ze ons vinden
en terugleggen
ik ben de prinses
die vlucht voor mijn leven
Vlak voor mijn voeten
een grote witte vis
met zand op zijn vel
zijn klep gaat open
en daarna weer dicht
hij moet snel naar water
ik pak zijn staart
hij spartelt niet
het water is ver
de mensen kijken
maar zeggen niks
het water begint ondiep
ik leg hem er in
hij doet niets
hij lijkt op de maan
na een tijd
laat ik hem toch
alleen
Hij wordt op mijn neus gezet
achter mijn oren gehaakt
ineens hebben alle dingen
vlijmscherpe randjes
zo’n bitse wereld,
waar ik niet op uitgekeken raak
heel fijn:
een beugel onder
een beugel boven
én een bril
deuken in je neus
pijn achter je oren
en als het regent
ziet het er helemaal niet uit.